08-09-04

david 7 : zo vermoeid dat hij zijn herinneringen begint in twijfel te trekken

... blijft K. maar doorgaan in een variant op het Frans tegen de in-het-uit-stippelen-en-daarna-in-praktijk-omzetten-van-clevere-strategieën-uitblinkende bruine blondine. ik waggel op een niet nader te bepalen ogenblik de trap op naar de toiletten. daar schrijf ik eerst, met de lippen stevig om mekaar gedrukt, iets op de muur waarvan ik twee minuten later niet meer weet wat precies. enige fracties later ga ik door de knieën en kots de pot vol. en met vol bedoel ik echt vol.
achteraf voel ik me weer kiplekker en in het naar buitengaan doe ik per ongeluk het licht uit. er volgt enig protest van twee tongzoenende mannen met een baard.
wanneer ik weer op m'n barkruk zit, vang ik deze korte, doch krachtige conversatie op tussen K. en de barman :
K. : "Hoe heet gij eigenlijk?"
de barman : "Atlantis."
K. : "Dan zijt gij dat verdwenen continent."
de barman : "Wat?"
het begint hier uit de hand te lopen. het begint nog veel meer uit de hand te lopen, als de bruinblonde deerne (die overigens ook nog relations extérieures blijkt te studeren - shit, ik had er eerder een cassière van de AD Delhaize in willen zien, maar soit) en de Spin Doctor voorstellen om samen een joint te gaan roken in de frisse buitenlucht.
we volgen het vreemde duo op een veilige afstand in de film noir-achtige stegen van de stad waarin we ons bevinden. maar omdat we zo zat zijn, raken we wat terrein kwijt ten opzichte van de gretige koplopers en net op dat moment zegt iets in me dat ik ongemeen goesting heb om ergens, waar- dan-verdomme-ook, m'n kop neer te leggen en wat te dutten. de boog kan immers niet altijd gespannen staan.
terwijl de public relations-cassière en die belachelijke dokter in de abdijbieren hun geestverruimende joints staan te roken, struikelen K. en ikzelve zigzaggend door de overigens steile, uit kasseien opgetrokken straten.
blijkbaar heeft de joint belachelijk snel vrij geestverruimend gewerkt, want dat PR-wicht besluit héél, héél plots om er met die ridicule medicijnman vandoor te gaan. Ik protesteer heftig door te argumenteren, en dat allemaal in het Frans, dat wij ons slechts op pakweg drie steenworpen van "ons" appartement aan de Zavel bevinden, en dat ik het héél erg op prijs zou stellen mocht zij, nu de nacht nog jong en van ons is, bij mijn persoon een oraal examen zou afnemen over de meest gangbare en ook wel de minder voor de handliggende, ja zelfs experimentele public relations-strategieën. ze kijkt me ietwat afkeurend aan, geeft me een afscheidszoen en stapt in de auto. ik schreeuw "Et depuis quand est-ce que les médecins hippies de merde ont des voitures de couilles?", en sleur haar weer uit de wagen en geef haar drie afscheidskussen met onregelmatige interval. ze zegt nog iets in de trant van misschien zien we mekaar nog eens, zo op een donderdagavond/nacht in de "Dol Mol."
dan is de freule verdwenen en val ik helemaal stil.
merde, ik ben K. uit het oog verloren. maar geen paniek die zit wat verderop te praten tegen een op het eerste zicht beminnelijke brievenbus. gesundheit.

23:14 Gepost door krank | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.